Recente posts
Goed regelen voor deel flexibele arbeidskrachten vergroot juist ongelijkheid
30 april 2019

Wie is er nou niet voor gelijke behandeling? Gelijke behandeling van man en vrouw, gelijke behandeling in betaling voor hetzelfde werk, gelijke behandeling in arbeidsvoorwaarden voor medewerkers binnen een bepaalde organisatie of zelfs sector. Ik ben groot voorstander van gelijke behandeling. Ook van gelijke behandeling in flexibele arbeid. En die gelijke behandeling is er nog niet. De Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) beoogt meer gelijkheid te brengen tussen vast en flexibel werk. Mijns inziens gaat het dat juist niet brengen. Mijns inziens brengt het juist meer ongelijkheid op de arbeidsmarkt.

Gelijke behandeling binnen Europa
Er zijn twee redenen om flexibele arbeid via de WAB beter te gaan regelen. Ten eerste wil de politiek terecht de positie van flexibele arbeidsrelaties verbeteren. Veel mensen hebben nu geen zekerheid op inkomen, weten niet of ze in de komende week wel (voldoende) werk zullen hebben. En opdrachten worden soms last-minute ingetrokken. Daarom is het goed dat ook de rechten van oproepkrachten sterk worden verbeterd. Ten tweede is de Europese gedragslijn van Equal Pay, gelijk loon voor gelijk werk, ook voor Nederland maatgevend geworden. Daarom is het logisch dat wij sinds een aantal jaren voor uitzendkrachten gelijke arbeidsvoorwaarden hebben. En is het begrijpelijk dat de WAB voor exclusieve payrollkrachten de CAO van het inlenende bedrijf gaat voorschrijven.

Goed regelen voor I E D E R E E N. Dus ook zzp’ers.
Toch zijn we er nog lang niet met deze Europese harmonisatie en de WAB. Deze laten namelijk de 1 miljoen zzp’ers buiten beschouwing. Naar verluid zou dat te ingewikkeld zijn. Zzp’ers verhuren zichzelf als beveiliger, koerier, afwashulp of cateraar. Met of zonder hulp van een digitaal platform. En de verschillen tussen de situatie voor uitzendkrachten en zzp’ers liegen er niet om: wel verschillende fiscale voordeeltjes, geen arbeidsrelatie. Geen arbeidsrelatie betekent ook geen van toepassing zijnde CAO afspraken, zoals toeslagen, reisuren, pensioenregeling of regelingen die oproepkrachten een betere positie moeten geven. We lopen het grote risico om een en ander wel goed te regelen voor uitzendkrachten, maar niet voor deze groep. Je kunt nu al voorspellen wat er gaat gebeuren. Een groot deel van het uitzendwerk gaat verschuiven richting die schijnzelfstandigheid, wel of niet gefaciliteerd door platforms. En dan zijn we weer terug bij af. Dat kan niet de bedoeling zijn.

Niet voor korte termijn succes gaan…
Ik ben absoluut voorstander van het zetten van stappen voor harmonisatie van flexibele arbeid. Maar laten we dan wel het hele spectrum beetpakken. Laten we het dan wel meteen voor iedereen goed regelen. Dat is een omvangrijke klus. Daar ben ik me van bewust. Dat moeten we dan ook stap voor stap doen. Daar heb je nieuwe regelgeving voor nodig. Dat zal een paar kabinetsperiodes vergen. Het is niet anders. Niet al het goede komt snel. Maar dat wat je degelijk en met groot verantwoordelijkheidsgevoel doet —in tegenstelling tot opportunistisch en korte termijn succes— zal leiden tot een gezonde en duurzame nieuwe situatie op het gebied van flexibele arbeid in Nederland. Voor alle flexibele arbeid. Ik zei het al, ik ben voor gelijke behandeling

Deel mijn blog via:
Categorie: Consolid